Doornroosje, of de restauratie van het Holtgräveorgel

In januari zijn de grootste pijpen van ons Holtgräveorgel weggehaald en hebben ze een grootschalige restauratie ondergaan. Intussen zijn ze weer terug. Maar wat is er nou gebeurd?

Aan de restauratie is een fase van grondig onderzoek voorafgegaan met de intonateur Jan Koelewijn van Orgelmakerij Reil, Hans Reil, onze adviseur van de Rijksdienst Wim Diepenhorst en mijzelf. We hebben de mogelijkheden tot verbetering bestudeerd en uitgeprobeerd.
Al lang was geconstateerd dat deze hele grote pijpen, onze basregisters, amper geluid maken, wat ongunstig is in een zo grote kerk als de Lebuinus. Want de lage pijpen maken de langste klankgolven, die de klank ver de kerk in kunnen dragen. De pijpen zijn in Heerde in de werkplaats van Orgelmakerij Reil grondig onder handen genomen. Alle gaatjes en kieren, die in de loop der tijd zijn onstaan werden dicht gemaakt.
Begin februari zijn we met een groep naar Heerde gegaan om de klankresultaten te bewonderen. Wat bleek is dat de pijpen van Holtgräve helemaal goed zijn en het uitstekend doen. Het lag dus niet aan de pijpen dat ze in onze kerk zo slecht spreken.
De orgelmaker kwam terug naar de Lebuinus om naar de boringen te kijken door welke de wind in de pijpen moet stromen. Hier was het dus mis! Deze plaat met boringen die pas in de jaren ’50 in het orgel kwam en de originele plaat van Holtgräve verving had veel te kleine gaatjes. Er stroomde dus te weinig wind in de pijpen. We lieten de kans dus niet liggen om de boringen onmiddellijk te laten vergroten.
Begin maart kwamen de pijpen weer terug. Velen hebben onze Prestant 16voet en Subbass 16voet op de grond bekeken.
Toen de pijpen er eenmaal weer in stonden kon de intonateur aan de slag: (in dit geval Jan Koelewijn) die weet hoe de klank het mooist is, of kan zijn, en zo lang aan de pijpen sleutelt tot hij het gewenste resultaat heeft bereikt.
De draagkracht is nu goed omdat de hele orgelklank in een stevig basfundament kan versmelten. Door de ingreep zijn veel mogelijkheden onstaan omdat ik met minder registers de hele kerk kan begeleiden. Dan blijven er meer mogelijkheden over om kleurijke voorspelen te maken en het orgel in al zijn klankrijkdom in de dienst te laten horen. Na drie jaar is het heel inspirerend om ons orgel weer opnieuw uit te vinden.
We zijn er nog niet. Jan Koelewijn zei dat ons orgel een Doornroosje is dat we wakker moeten kussen. Wat zal het toch een feest zijn als we onze plannen kunnen realiseren. We hebben er veel vertrouwen in dat het Holtgräveorgel een nog prominentere plek in het Nederlandse orgellandschap gaat innemen en een nog nauwkeuriger historisch document kan zijn van het werk van Holtgräve.
Maar voor ons is vooral belangrijk en plezierig dat we na voltooing zondag voor zondag van prachtige orgelmuziek kunnen genieten. We werken momenteel aan subsidieaanvragen om de voorgestelde verbeteringen uit te kunnen voeren. Ook de Vrienden van de Lebuinus gaan zich hiervoor inzetten.
Roely heeft van het bezoek aan Reil en de plaatsing van de pijpen een filmpje gemaakt. Zo kunt u ook het verschil letterlijk horen.
Kirstin Gramlich

 

CategoryNieuws, Orgel
Top
Follow us: